Onder jonge Turkse en Marokkaanse immigranten die roken komt depressie vaker voor dan onder niet-rokende immigranten. Tot die conclusie komen Ceren Acartürk et al. (Subst Abuse Treat Prev Policy. 2011;6:5).

De AMC-wetenschappers interviewden 364 adolescenten en jongvolwassenen (15-24 jaar) van Turkse (44%) of Marokkaanse (56%) afkomst, uit de ‘LASER’-studie (Lifestyle in Amsterdam: Study among Ethnic gRoups). Het cohort bestond uit 179 vrouwen en 185 mannen, die zelf in Turkije of Marokko geboren waren of ten minste 1 ouder van Turkse of Marokkaanse afkomst hadden.

22% van de deelnemers rookte en 33% had depressieve symptomen volgens de ‘Center for epidemiologic studies depression scale’ (CES-D). Meer rokers (43%) waren depressief dan niet-rokers (30%). 29% van de depressieve immigranten rookte, tegenover 19% van de niet-depressieve immigranten. Oudere en mannelijke immigranten, immigranten met een betaalde baan, immigranten met een Turkse achtergrond en immigranten die minder waarde hechtten aan religie rookten meer. Na correctie voor deze risicofactoren rookten depressieve deelnemers nog steeds meer.

De auteurs laten zien dat stoppen-met-rokenprogramma’s voor jongeren aandacht moeten geven aan depressieve symptomen.


Bron: Ned Tijdschr Geneeskd. 2011;155:C888
Arkin Marokko Media Innovatiefonds Zorgverzekeraars Stichting Voorzorg Utrecht Skanfonds